Op onze reis langs de zuidkust van Kreta – in het spoor van de Zeevolken – waren we nog steeds niet verder gekomen dan Sougia. In de oudheid heette deze plaats Syia, maar uit wat we er inmiddels van wisten begon die oudheid pas in de tijd der Griekse Doriërs, de Minoïsche inwoners van Kreta schenen hier nog niet erg veel te hebben gehad. In ieder geval niets wat sporen na zou laten.Wat overigens wel sporen had nagelaten was de golvende beweging die het eiland Kreta door de loop der tijd had gemaakt op de zeer levende breuk waarop het eiland zich bevindt. Bij de veerhaven is namelijk nog heel goed te zien dat het eiland vele meters omhoog is gedrukt sinds de tijd der Minoïsche zeevaarders.Oorspronkelijk had Sougia niet eens in ons programma gestaan omdat we meenden dat er niets te vinden was wat onze interesse had, en de plaats scheen ons dat zeer kwalijk te nemen want wat we ook deden, we kwamen niet verder. Het vorige deel was ermee geëindigd dat we op de terugweg waren van onze tweede poging om de volgende bestemming te Agia Roumeli te bereiken. Deze poging was wederom mislukt door verraderlijke wind uit de verkeerde hoek en een tegenwerkende stroming. We hadden ter hoogte van het volgens ons op dat moment niet aanloopbare strandje van Domata besloten om te draaien en terug te varen naar Sougia.Het was echter wel reeds zo laat dat we wisten dit niet meer bij licht te kunnen halen.We kenden het strand van Sougia gelukkig inmiddels wel goed genoeg om ons daar niet teveel zorgen om te maken.Eenmaal in het pikkedonker terug gekomen op ons strandje besloten we nu wel te wachten tot de omstandigheden gewoon ideaal zouden zijn om te vertrekken. Dat we het oorspronkelijke reisdoel van onze tocht langs de zuidkust van Kreta, vlak voor Kaap Sideros in het uiterste oosten van Kreta niet meer zouden halen was ons inmiddels al wel duidelijk geworden. Maar we wilden niet gaan jakkeren, er zou nog zoveel te zien zijn onderweg.Net zoals de avonden ervoor gingen we weer wat eten in een van de restaurantjes aan het water in Sougia. Daarvoor was het nog niet te laat, daar mediterrane volken laat eten. Kreta is overigens helemaal niet duur, wat dat aangaat.We vroegen aan de restauranthouder of hij ons wat kon vertellen over de weerberichten maar we begrepen dat het eigenlijk allemaal behoorlijk onbestendig was.De volgende dag stormde het… uit het westen. Be careful what you wish for, you just might get it. Wind uit het westen was natuurlijk okay, maar geen storm.
In de vorige delen vertelde ik over mijn reis naar Egypte in 2009 en hoe ik daar steeds weer terug moest denken aan Kreta, het land van de Keftiu in Faraonische tijden. Ik was in Egypte in aanraking gekomen met afbeeldingen van de 'Zeevolken', volken waar ik ooit al eens een onderzoekje naar had verricht omdat de herkomst van die volken mij intrigeerde.Het verhaal over deze volken is dat er tijdens het bewind van Merenptah en later Ramses III ineens hele stammen met vrouwen en kinderen per boot in Egypte landden met de bedoeling zich daar te vestigen.Het schenen nogal krijgshaftige lui te zijn geweest en de Egyptenaren hadden ze met moeite weten te verjagen naar onder andere de kust van Palestina.Van de Keftiu, die eerste inwoners van Kreta, was bekend dat die tamelijk vredelievend moeten zijn geweest. Veel sporen van wapens uit die periode zijn er namelijk nooit gevonden op Kreta, enkel maar afbeeldingen van allerlei vreedzame zaken als bloemen en dieren...     en natuurlijk mooi geklede vrouwen waarvan de kleding niets van hun vrouwelijkheid verhulde.   De Keftiu waren bij de Egyptenaren als zeevarende handelaars bekend geweest en men had graag de door hen verscheepte producten van hen afgenomen. Egyptische afbeeldingen van de Keftiu, die onder andere te Medinet Habu te zien zijn, tonen dat aan.Er is overigens ook al eens geopperd dat de Kretenzische vrouwenmode erg bij de Egyptische dames in trek moet zijn geweest.Zoals ik in een vorig deel reeds schreef waren de Egyptische dames in die tijd vaak nauwelijks gekleed. De Kretenzische mode bood hen echter de gelegenheid om zich toch geraffineerd te kunnen kleden zonder de symbolen van hun vrouwelijkheid verloren te laten gaan.Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat de Keftiu de eersten zouden zijn die de Egyptenaren het 'keizerlijke purper' - product van de purperslak (Murex trunculus) - zouden leveren. Daar heb ik een goede reden voor, die in een van de volgende delen aan bod zal komen.Echter, omstreeks 1600 v. Chr. was het ineens met de handel gedaan. Een alles vernietigende uitbraak van vulkaaneiland Santorini (Thera) maakte een einde aan de handelsvaart der Keftiu. De noordkust van Kreta werd getroffen door een tsunami die vermoedelijk ergens tussen de 30 en de 90 (!!!) meter hoog moet zijn geweest en de meeste bevolkingscentra der Keftiu die zich daar bevonden werden hierdoor zwaar beschadigd of geheel vernietigd.
Sitemap - © 2014Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden  
  • Het Ancient Aliens Debat