De hedendaagse mens verwijst in de regel naar het gebied tussen de oren als locatie van het bewustzijn. Voor het grootste deel van de ontwikkeling van de mensheid echter, en dit is nog steeds het geval bij veel “natuurvolkeren”, zetelde het bewustzijn in de hartstreek. En dat is op zich zo gek nog niet, want wetenschappelijke onderzoeken hebben een paar feiten over het hart aan het licht gebracht die, al zijn ze niet algemeen bekend, deze zienswijze staven.

Allereerst wat basisgegevens over de werking van het hart, aangevuld met een paar curieuze feiten.

* Het hart wordt algemeen beschouwd als een spier die het bloed door het lichaam pompt.

* Het hart produceert 100.000 hartslagen per dag; 40 miljoen hartslagen per jaar, ca. 3 biljoen hartslagen in een gemiddeld leven van 70/80 jaar.

* Per minuut pompt het hart gemiddeld 7,5 liter bloed door 40.230 km vaatsysteem (slag- aders en haarvaten); dat is meer dan de omtrek van de aarde!
Wellicht is het interessant om te weten dat de pompkracht van het hart zo sterk is, dat indien het werd aangesloten op een tuinslang het bloed van 0,5 meter tot ca. 2 meter hoog zou spuiten (resp. rechter- en linkerkant van het hart).
Maar al is dit een respectabel gegeven, modern onderzoek heeft uitgewezen, dat de kracht die nodig is om het bloed door het hele vaatstelsel te pompen een mechanisme zou moeten zijn dat een gewicht van 50 kg anderhalve kilometer hoog kan verplaatsen. Het hart is simpelweg niet in staat om een dergelijke druk te produceren. Het hart is dan ook in realiteit geen pomp, maar speelt het een meer subtielere en elegantere rol.

Door middel van Doppler simulaties is vastgesteld dat het bloed in de vaten zich verplaatst in de vorm van een vortex. Zowel in het hart als in de (slag)aderen bevinden zich aan de binnenkant een serie uitstulpingen om deze spiraalsgewijze stroming te bevorderen. Ergens logisch, want het is bekend dat vloeistoffen zich spiraalsgewijs sneller en makkelijker verplaatsen (net als het water in een afvoerputje).
Tevens is bij kippenembryo’s is vastgesteld dat het bloed in een circulair patroon begint te stromen vóórdat de pompfunctie van het hart voldoende ontwikkeld is. In het centrum van deze stroom is NIETS; een vacuüm. In feite lijkt de bloedstroom in levende bloedvaten meer op een tornado, en zo’n vacuüm is nodig om een vortex te produceren.
Het bloed zelf is samengesteld uit verschillende onderdelen, en deze onderdelen oriënteren zichzelf op geheel eigen wijze in de vortex van de bloedstroom. De zwaardere rode bloedcellen bewegen zich dichter bij het centrum van de vortex (en draaien daarbij nog om hun eigen as). De lichtere bloedplaatjes bevinden zich meer aan de buitenkant van de vortex, met een dun laagje plasma langs de (slag)aderwand. Doordat de verschillende onderdelen van het bloed gescheiden zijn door de centrifugale actie, beweegt elk onderdeel ook met een andere snelheid. Door middel van Doppler echo’s is tevens komen vast te staan dat dit verschil in snelheid een scala aan frequenties veroorzaakt.
Het hart, ingebed in dit stromende systeem, heeft hierin een ondersteunende functie; het stabiliseert de stroming.

* De bloeddruk die bij de dokter wordt opgemeten wordt weergegeven in twee getallen, bijvoorbeeld 120/80; respectievelijk de systolische en diastolische druk. Het eerste getal meet de druk van het hart als deze samentrekt en het bloed door de (slag)aderen perst. Het tweede getal refereert naar de druk in het systeem als het zich hart ontspant en meet de druk in het vasculaire systeem.
De hoogte van deze druk wordt geregistreerd door zogenaamde “baroreceptoren” die door het lichaam verspreid liggen en die in grote getalen aanwezig zijn in en rond het hart.
Met elke hartslag wordt door deze “baroreceptoren” een scala aan gegevens opgemeten; te weten het tijdsverloop van de samentrekking, de kracht, het volume en de druk van elke “drukgolf”. Deze gegevens worden via zenuwbanen naar de hersenstam en het centrale zenuwstelsel doorgegeven. Maar niet iedere hartslag is hetzelfde en het hart wijzigt heel subtiel iedere samentrekkingen in antwoord op zowel externe als interne informatie. En al zijn de wijzigingen heel subtiel, de hersenen en de overige organen reageren hierop van moment tot moment. Organen als de lever, milt, nieren en darmen contraheren heel subtiel of ontspannen, net als het vasculaire systeem, en wisselen op deze manier de druk op het bloed als het door hen stroomt. De informatie van de organen wordt vervolgens via het bloed weer aan het hart doorgegeven En net als bij het hart variëren deze “terugkoppelingsgolven”. Net als het hart analyseren de organen de interne en externe informatie. Het resultaat dit dialoog tussen de organen en het hart is dat de bloeddruk van moment tot moment verandert.

Samengevat; de baroreceptoren registreren de subtiele interne en externe veranderingen en geven deze door aan de hersenen, waardoor de output van de hersenen verandert. Deze informatie wordt weer doorgegeven aan het hart, dat daarop de timing en kracht van de volgende contractie aanpast. Dit levende dialoog verandert iedere hartslag. Gesteld kan worden dat een de hartslag van een gezond hart onregelmatig en onvoorspelbaar is en open staat voor veranderingen. De wisselingen in de hartslagen zijn het sterkst op jonge leeftijd en bij gezonde mensen.

Het gegeven van een levend dialoog tussen organen onderling staat haaks op de empirische, lineaire denkwijze dat stelt dat het hart de functie van een pomp vervult (als een machine) en derhalve een regelmatige en onveranderlijke hartslag dient te produceren (tenzij onder stress, inspanning of angst); een proces dat homeostasis wordt genoemd.
Maar, zoals alle natuurlijke systemen, is het juister het hart onder de noemer homeodynamis te laten vallen; non-lineair en constant in fluctuatie.

*Het hart als een endocrine klier.
Het is komen vast te staan dat het hart 7 hormonen produceert. Het hart doet hierbij dus niet onder voor de hersenen. Eén van deze hormonen, het peptide ANF dat wordt afgescheiden in de bovenste hartkamers, bestuurt het immuunsysteem, het hormonale evenwicht en het verouderingsproces. Met elke hartslag wordt deze informatie door het hele lichaam gepompt. Het hart is nauw verbonden met de werking van de hersenen en kan in dit respect worden gezien als een uniek brein dat gekoppeld is aan het centrale zenuwstelsel.

* Tussen de 60 en 65 procent van de hartcellen bestaan uit neuronen. In feite bezit het hart evenveel neuronen als enkele cruciale subcorticale centra van de hersenen. Het hart heeft een eigen zenuwstelsel en kan gezien worden als een gespecialiseerd brein dat specifieke informatie verwerkt. Hartneuronen, gelijk de neuronen van de hersenen, clusteren in ganglia. Het hart heeft een open verbinding met de hersenen, wat inhoudt dat er geen aan- en uitschakelaar tussen zit. Het hart produceert zijn eigen neurotransmitters en het hart heeft zijn eigen geheugen.

Analyses van de informatiestroom in het menselijk lichaam heeft aangetoond dat de indrukken eerst door het hart verwerkt worden, waarna ze worden doorgegeven aan de hersenen. De reacties op stimuli worden door zowel het hart als de hersenen bepaald.

* Het hart is autogeen; het heeft geen continu signaal van de hersenen nodig om te blijven kloppen. Geïsoleerde hartcellen blijven onafhankelijk doorkloppen. Het hart bevat zogenaamde “pacemaker”cellen die alle contracties synchroniseren en elektrische impulsen afgeven aan de omgevende spiercellen.
Het regelmatige samentrekken van de spiercellen van het hart
genereert een elektrisch veld; elke hartslag produceert zo’n twee en een half watt. Het patroon van deze elektrische activiteit wordt gemeten met behulp van een ECG. Het elektrische veld van het hart is 40 tot 60 keer sterker dan dat van de hersenen.


Maar het hart genereert ook een magnetisch veld, en dit kan gemeten worden met een magnetocardiogram. Het magnetische veld van het hart is trouwens 5.000 keer sterker dan dat van de hersenen..
Zowel het elektrische veld, als het magnetische veld van het hart veranderen met elke hartslag, met elke informatie-input.

Misschien is het nu tijd om met andere ogen naar het hart te kijken. Zoals uit het bovenstaande blijkt is het hart meer dan een mechanische pomp en heeft het een eigen intelligentie, die niet onderdoet voor de werking van de hersenen.
Heel simpel gesteld worden alle in- en externe indrukken eerst door het hart verwerkt. Het hart vertaalt deze stimuli in gevoelens; deze worden doorgegeven aan de hersenen, die er op hun beurt een “verklaring” aan geven.
In onze Westerse cultuur zijn we ons van de eerste stap niet meer bewust, en registreren we voornamelijk de door de hersenen verwerkte informatie.

Elke verandering in onze emotionele toestand verandert het elektromagnetische veld van het hart, wat weer een hele serie veranderingen in het lichaam teweeg brengt.
Met deze kennis in het achterhoofd is het wellicht niet zo onzinnig om een blij gemoed na te streven en onze medemensen met vriendelijkheid te benaderen. Zoals uit het bovenstaande blijkt heeft dit een fysiek meetbaar positief effect lichaam, met als bonus onder meer het versterken van op ons immuunsysteem en onseen vertraging van het verouderingsproces.

Jules Ruis: Het artikel is geheel in lijn met de Fractale Benadering, die uitgaat van zich herhalende patronen op verschillende niveaus.
Voor meer informatie over Fractals, zie: www.fractal.org
Op 03-04-2013 10:31:01 | Kudos: 0 Bericht positief waarderen
 Directe link naar reactie Meld ongepaste reactie
Mark TT: De kalium-natrium pomp is hiervoor verantwoordelijk. Ik wil niet lullig doen en in herhaling vallen,maar is dus weeeeeeer op atoom niveau geregeld ;-)
Op 03-04-2013 12:50:52 | Kudos: 0 Bericht positief waarderen
 Directe link naar reactie Meld ongepaste reactie
Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden