Ontwaken uit de droom van het leven is een romantische gedachte. Misschien is de gedachte al heel oud. Gerard ReveHet zou me niet verbazen als Plato al met dat idee heeft rondgelopen. De werkelijkheid is een illusie, de dood een ontwaken. Ieder mens denkt wel eens zoiets.
'Het leven is misschien een droom, een schaduw van God. Het leven op zich heeft geen zin, het heeft slechts zin in zoverre wij God erin willen erkennen. God wordt wakker en het wordt licht, en wij zijn verdwenen. Het is het aloude 'Homo bulla'. Het leven is een zeepbel, het spat zomaar uiteen. Het vervluchtigt als een droom bij het ontwaken. God wrijft zich in de ogen, rekt zich uit... en de wereld is foetsie. Wij leven voort in het brein van God, als restanten van de nacht.', aldus de gedachten in de brieven van Gerard Reve.

De dood als het ontwaken uit het leven is een metafoor die de verbeelding in beweging zet. Hij sluit ook naadloos aan bij het complementaire godsbeeld van Reve. 'Mens en God zijn elkaars tegengestelde, maar ook van elkaar afhankelijk, zo beweert hij. Wij sterven, maar maken daardoor Gods onsterfelijkheid mogelijk. Als wij onsterfelijk waren, dan zou God niet kunnen bestaan. Geloof is niet de zekerheid van een hiernamaals. Waarachtig geloof is belangeloos en hoopt niets', zo schrijft Reve.

Elders speelt hij met de gedachte dat God gevangen zit. 'God heeft zich buiten mij gesloten. Hij moet getroost worden. God lijdt meer dan alle mensen die lijden tezamen. Het is ook alles of niets. Liever gedoemd dan gered met uitsluiting van één enkel wezen'. De complementariteit tussen God en mens is geen statische noodzakelijkheid, maar een dynamisch gebeuren in het heden: 'God is almachtig en tegelijk afhankelijk van liefde. De dood geeft het leven tijdelijkheid, de liefde maakt het eeuwig.'

Alleen 'de liefde' ontsnapt aan 'the dream of life'. De liefde is eeuwig en tijdloos tegelijk. Gaandeweg beseft Reve dat zijn gedachten over het illusoire karakter van het leven hun complement vinden in het illusoire karakter van God. Als het leven een droom is, dan is God dat misschien ook, zo luidt onontkoombaar de conclusie. 'Homo bulla' kan ook 'Deus bulla' zijn. Als het leven als een zeepbel uiteen spat in de dood, dan is God uiteindelijk slechts de laatste illusie die open spat.

Arthur Schopenhauer'Uiteen spat' of 'open spat'? Onder invloed van Arthur Chopenhauer wordt het godsbeeld van Reve steeds meer etherisch en gelaten. Het leven is een sluier die afvalt in de dood. God is de laatste sluier. Daarachter gaapt het grote niets. 'Doodsangst' zo schreef Schopenhauer, 'vindt zijn wortels rechtstreeks in de Wil. Zoals we het leven worden binnengelokt door de volkomen illusoire drift van de lustbevrediging, zo worden we erin vastgehouden door de stellig even illusoire vrees voor de dood.'

Mary ShelleyNiet alleen het beeld van God is een illusie - zoals ook het leven zelf dat is - maar ook de vrees voor de dood is illusoir. En dan belanden wij bij Mary Shelley. Als ik niets te vrezen heb in het leven, waarin verschilt het leven dan nog van de dood? En omgekeerd. Min maal min is plus. Rouwend om de dood van haar vriend, grijpt Shelley zich vast aan een oude gedachte: 'Vrede, vrede! Hij is niet dood, hij slaapt niet. Hij is ontwaakt uit de droom die leven heet.'

Reve moet de adonis van Shelley zeker hebben gekend. In de romantiek lag de bron van veel van zijn gedachten. Ook van zijn gedachten over de dood.
Hij is dood.
Ontwaakte hij uit de droom van het leven?

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden