Circa 77.000 duizend jaar geleden zat een mens in een grot van enkele kalkstenen kliffen aan een rotsachtige kust van wat nu de Indische Oceaan heet, de omgeving te analyseren. Het was een mooie en rustige plek, een veilig onderkomen met een glorieus natuurlijk venster dat door een zeebries in de zomer gekoeld werd en dat door een klein vuurtje in de winter verwarmd werd. De zandige bovenkant van de rotsformatie was bedekt met witte bloemen dragende struiken die in de verre toekomst bekend zou raken als Blombos, zijn onderkomen als Blombos Cave.

Blombos Cave

Een vierdelinge blogreeks met de ondertitel: 'Waarom de moderne mens 80.000 jaar geleden zijn Afrikaans geboorteland verliet om de wereld te koloniseren'.

De meldingen van nieuwe ontdekkingen vorig jaar waren nog provocatiever. In een grot nabij Pinnacle Point in Zuid-Afrika vond een team, onder leiding van paleoanthropoloog Curtis Mareun van de Universiteit van Arizona, bewijsmateriaal dat 164.000 jaar geleden mensen schaaldieren aten, complexe gereedschappen en rode oker pigmenten gebruikten, allemaal zuiver modern menselijk gedrag.

De overblijfselen van schaaldieren, mosselen, eendenmosselen en andere weekdieren wezen er op dat mensen de zee als voedselbron minstens 40.000 jaar vroeger dan gedacht exploiteerden.

Eendenmosselen

Het eerste archeologische bewijsmateriaal van menselijke migratie 'out-of-Africa' werd gevonden in de grotten van Qafzeh en Skhul, in het huidige Israël. Deze plaatsen, die aanvankelijk in de jaren 30 van vorige eeuw ontdekt werden, bevatten de overblijfselen van minstens 11 moderne mensen. De meesten van hen schenen ritueel begraven te zijn. De artefacten die ter plaatse gevonden werden waren echter 'eenvoudig': handbijlen en soortgelijke hulpwerktuigen in Neanderthalerstijl.

In eerste instantie dacht men dat de skeletten 50.000 jaar oud waren en moderne mensen waren die eventjes verpoosden op hun weg naar Europa. Maar in 1989 toonden de nieuwe dateringtechnieken aan dat ze 90.000 tot 100.000 jaar oud waren en dus de oudste moderne menselijke overblijfselen waren die ooit buiten Afrika waren gevonden.

Maar deze 'excursie' van de moderne mens schijnt een dood spoor te zijn: er is geen bewijsmateriaal dat deze moderne mensen lang overleefden, stukken minder dan men zou verwachten van een soort die een ander gedeelte van de aarde ging koloniseren. Daarom worden zij niet beschouwd deel uit gemaakt te hebben van de migratie die 10.000 of 20.000 later jaar volgde.

Intrigerend genoeg werden er ook overblijfselen van de Neanderthaler, 70.000 jaar oud, gevonden in hetzelfde gebied. De moderne mens lijkt als eerste, slechts op doorreis, te zijn aangekomen, maar moet gestorven zijn aan ziekten, een natuurlijke catastrofe of misschien wel uitgeroeid. Want als de moderne mens het grondgebied moest delen met de Neanderthaler, het meer robuuste exemplaar van de mensachtige, zou hij waarschijnlijk het loodje moeten leggen hebben.

"Men kan anatomisch modern zijn en modern menselijk gedrag vertonen", zegt paleo-antropoog Nicholas J. Conard van de Duitse Universiteit van Tübingen, "maar blijkbaar is dat niet genoeg. Op dat punt staan de twee soorten wel op gelijke voet".

Wetenschappers concludeerden dan ook dat op dit punt in geschiedenis, de Afrikanen Azië aan de Neanderthaler af stonden.
Vervolgens, ongeveer 80.000 jaar geleden, zegt Blombos archeoloog Henshilwood, ging de modern mens een dynamische periode van innovatie tegemoet.

Het bewijsmateriaal komt uit Zuid-Afrikaanse plaatsen en grotten zoals Blombos, Klasies River, Diepkloof en Sibudu. Naast de okergravures, vond men in de Blombos Cave geperforeerde sierschelpen met het oogmerk ze te gebruiken als de 'eerste' juwelen.

Schelpen uit Blombos Cave

Stukken van beschreven struisvogeleierschalen werden in Diepkloof gevonden. Fijn bewerkte stenen, gevonden in Sibudu, laten doorschemeren dat de moderne mens van Zuid-Afrika werpsperen en pijlen gebruikte. Fijnkorrelige steen die nodig was voor zorgvuldig vakmanschap werd over een afstand van bijna 30 kilometer aangevoerd, wat doet besluiten dat ze één of andere soort handel hadden.

De beenderen die op verscheidene Zuid-Afrikaanse sites gevonden werden toonden aan dat de mensen elandantilopen, springbokken en zelfs zeehonden bij hun jacht doodden. Bij Klasies Rivier suggereren sporen zelfs dat de oude jagers ook landbouwers waren en dat ze wisten dat beboste gebieden ontruimen van vegetatie een snellere groei van eetbare wortels en knollen bevorderde. De verfijnde beenhulpmiddelen en de hoogwaardige steenbewerkingen die teruggevonden zijn op deze sites dateren ruwweg van eenzelfde periode: tussen 75.000 en 55.000 jaar geleden.

Op vrijwel elk van deze plaatsen werden er stapels zeeschelpen gevonden. Samen met het veel oudere bewijsmateriaal van de grot bij Pinacle Point wijzen deze hoeveelheid schelpen dat zeevruchten als voeding een essentieel punt hebben uitgemaakt in de geschiedenis van de moderne mens, omdat zeevruchten de nodige vetzuren bevatten om hersenen van voldoende brandstof te voorzien.

Migratie van de moderne mens

"Dit was een evolutie drijfkracht", zegt archeoloog John Parkington van de Universiteit van Cape Town. "Het zuigt mensen in meer cognitief bewustzijn en men wordt er 'slimmer' van". Paleoanthropologist Richard Klein van de Universiteit van Stanford verdedigt dat een genetische verandering op dit punt in de menselijke geschiedenis een plotselinge verhoging van intelligentie veroorzaakte, misschien met betrekking tot de eerste vocale communicatie.

Maakte de nieuwe technologie, de betere voeding en één of andere genetische verandering het de moderne mens mogelijk om de wereld te exploreren? Misschien wel, maar andere geleerden houden het bij mondainere factoren die tot de uittocht van Afrika kunnen hebben bijgedragen.

Een recente DNA-studie suggereert dat grootschalige droogte, vóór de grote migratie, de moderne mens in Afrika in kleine, geïsoleerde groepen splitste waarbij hun uitsterven op het spel stond. Alleen na een weersverbetering slaagden de overlevenden zich te herenigen en uiteindelijk ook te emigreren.

De verbeteringen van de technologie kunnen sommigen van hen doen besluiten hebben om nieuw territorium te verkennen of het klimaat kan gezorgd hebben voor een lager zeeniveau waarbij landbruggen zich openden. Wat ook de reden was, de oude Afrikanen waren klaar om verder te trekken. En dat is ook wat ze deden.

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden