Afgelopen donderdag ontdekte ik plotseling een malle Sandra…euh salamander in mijn vijvertje. Omdat salamanders alleen maar in de paartijd het water opzoeken, wist ik dat ze op zoek was naar een malle Sander….ik bedoel mannetjes salamander. Omdat ik het zielig vond haar zo alleen te laten besloten we op jacht te gaan naar een prachtige vent voor haar. Wie denkt dat salamanders saai zijn vergist zich. Er valt zeer veel over te vertellen en zelfs ook echte mysteries, maar daarover zal mijn pa straks meer vertellen.

Ik wist zeker dat mijn malle Sandra een vrouwtje was omdat in de paartijd de mannetjes een fantastische kam op hun straat krijgen en een vuurrode buik. Maar waar vind je zo’n exemplaar? Om bepaalde beesten te vangen moet je een beetje als zo’n beest denken. Waar zou ik, als ik een salamander was, zitten? Nou, in een mooie ondiepe sloot in een drassige omgeving met veel groen stelde ik me zo voor. Mijn vader en moeder wisten precies zo een plek. Met mijn schepnet en een pot gingen we op pad.


< klaar voor de jacht.>

En inderdaad het duurde niet lang of we vonden een stoere malle Sander met een rode buik. We hebben het beestje samen met wat waterplantjes meegenomen en nu zwemmen Sander en Sandra vrolijk rond in mijn vijvertje. Ik denk dat ze het samen goed kunnen vinden en nu maar hopen op veel nakomelingen.


< kleine watersalamander, mannetje>

Salamanders zijn amfibieën, net zoals kikkers en padden. In Nederland komen enkele soorten salamanders voor. De kleine watersalamander is de bekendste, een zeldzame is de vinpootsalamander en de vuursalamander is heel bijzonder. Jammer genoeg worden salamanders steeds zeldzamer en zodra de paartijd over is en de eitjes afgezet zetten we Sandra en Sander gewoon weer terug.

Soms hoef je salamanders niet te zoeken dan vallen ze gewoon uit de lucht. Althans dat zegt mijn pa. Hoe dat kan vertelt hij zelf.

Het regent salamanders.

Nou hoe het kan weet ik ook niet, maar dat er iets opmerkelijks gebeurde in Taylorville, Illenois (VS) is een feit. We gaan even terug in de tijd naar het jaar 1869. Het is dan 4 juni. Al dagen viel er een gestage regen over het gebied en de grond lag bezaaid met plassen en poeltjes. Bewoners in het noorden van Taylorville stonden die zaterdag op om te ontdekken dat in iedere plas, iedere poel en iedere greppel ontelbare ‘slangen’ krioelden.

Getuigenissen uit die tijd verklaarden allemaal hetzelfde: overal waar men keek zag men vreemde slangachtige wezen met een donkere gladde huid zoals die van een aal. De beesten, tot wel 60 centimeter lang en 3 centimeter dik, deden de mensen versteld staan. Het vreemdste was misschien wel dat deze raadselachtige creaturen wel gelijk achter de kop voorpootjes hadden maar geen achterpootjes. Niemand in Taylorville had ooit zulke vreemdsoortige wezens eerder gezien. Spingfield’s Illinois State Register maakte een officieel verslag op en in dat rapport staat te lezen dat een ‘niet nader geïdentificeerde’ slangensoort in niet te tellen aantallen overal in het gebied waren aangetroffen.

Scott Maruna blies onlangs het stof van het rapport en ging bij biologen te rade. Wat waren dat voor beesten geweest die Taylorville in 1869 overstroomden en waar kwamen ze vandaan? De beschrijvingen van het beest bleken perfect overeen te komen met de ‘Sirene’ . Sirene’s komen van oorsprong voor in het westen van de Verenigde Staten (de lijn New York, Washington, Florida en Texas). Het zijn unieke amfibieën die behoren tot de salamanders. Ze hebben kleine oogjes en een platte staart, kleine voorpootjes en geen achterpoten. Ze lijken een beetje op een aal en kunnen inderdaad tot wel 60 centimeter lang worden. Sirenes leven een verborgen bestaan en komen eigenlijk nooit uit het water waardoor de kans om er ééntje te zien behoorlijk klein is. In Illinois komen ze niet voor en al zouden er een paar verdwaalde exemplaren te vinden zijn dan nog zouden die zich niet zo open en bloot in passen en poeltjes ophouden.


< sirene>

Waar kwamen de Sirenes dan vandaan? Tja, de verklaring die we altijd in dit soort gevallen horen is dat een wervelwind als een stofzuiger boven het water de dieren opzuigt of ze vervolgens honderden kilometers verder weer neer te laten regenen. Maar als we deze verklaring accepteren dan onstaat er een nog groter raadsel, namelijk waarom zuigt een wervelstorm wel ontelbare Sirenes op maar geen kikkers, vissen, schelpdieren, waterplanten en wat nog meer.

Het blijven rare beesten die malle sanders.

 

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden