De oude stad Pavlopetri ligt aan de kust van zuidelijk Laconië, Griekenland, in drie tot vier meter diep water. De ruïnes dateren van minstens 2800 voor Christus, maar de intacte gebouwen, binnenplaatsen, straten, grafkamers en zevenendertig kistvormige graven zouden tot de Myceense periode (1375 tot circa 1100 voor Christus) behoren. Deze fase van de Griekse Bronstijd biedt veel historische informatie over de oude Griekse literatuur en mythes, waaronder de Heroïsche tijden van Homerus.

Dr. Jon Henderson, onderwaterarcheoloog bij de universiteit van Nottingham, zal de eerste archeoloog in 40 jaar zijn die officiële toegang tot de plek krijgt. Ondanks het potentiële internationale belang is er geen onderzoek uitgevoerd sinds de site in 1968 in kaart werd gebracht. Dr. Henderson moest een speciale vegunning van de Griekse overheid verkrijgen om de verzonken stad te mogen onderzoeken.

Hoewel de macht van de Myceense beschaving grotendeels op de controle van de zeeën gebaseerd was, is er weinig bekend over de werkzaamheden van de havensteden uit die periode omdat archeologen zich tot de dag van vandaag concentreerden op het onderzoek van de beter bekende binnenlandse paleizen en citadellen.

Pavlopetri was vermoedelijk eens een bloeiende havenstad waar de inwoners locale handel en handel over grote afstanden dreven die tot aan het Middellandse Zeegebied reikte. De zandige en goed beschermde baai zou in de Bronstijd een ideaal plaats voor het aanleggen voor schepen geweest zijn. Op zich biedt de plaats dus een nieuw inzicht in de werkzaamheden van de Myceense maatschappij. Het project van Dr. Henderson heeft als doel de geschiedenis en de ontwikkeling van Pavlopetri bloot te leggen, te weten komen wanneer het in gebruik was en door een systematische studie van de geomorfologie van het gebied vaststellen waarom de stad onder de zeespiegel verdween.

Dr. Henderson, van de afdeling archeologie bij het Underwater Archaeology Research Centre (UARC), zegt dat de plaats van groot internationaal archeologisch belang is. Het is volgens Henderson noodzakelijk dat de kwetsbare overblijfselen van de stad nauwkeurig geregistreerd en bewaard worden alvorens de stad voor eeuwig zal verdwijnen. De fundamentele doelstelling van het project is het belang van de plaats onder de aandacht te brengen, er voor te zorgen dat het op een ethische manier aangepakt wordt en aan het grote publiek op een welbepaalde manier voorgesteld wordt, zodat zowel toerisme als de lokale gemeenschap er baat bij hebben.

De verzonken gebouwen, binnenplaatsen, straten, tombes en graven liggen net buiten de zandige strook van de kust, dicht bij een gebied dat populair is bij kamperende vakantiegangers en kampeerautotoeristen. Onder bedreiging van toerisme en industrie worden de overblijfselen van de stad beschadigd door boten die er hun ankers droppen, nieuwsgierige artefactenjagende snorkelaars en de aanhoudende groei van maritieme organismen die de 3500 jaar oude kwetsbare muren beschadigen.


(Eén van de tomben boven de zeespiegel)

Het onderzoek, in samenwerking met Elias Spondylis van het Ephorate of Underwater Antiquities of the Hellenic Ministry of Culture, zal worden uitgevoerd met materiaal dat oorspronkelijk voor de militaire- en offshore-olieveldmarkt ontwikkeld werd. Dr. Henderson en zijn team zal een tot op de millimeter gedetailleerd digitaal onderwateronderzoek van de site uitvoeren met behulp van een akoestische scanner die door een belangrijk Noord-Amerikaans zeetechnischbedrijf ontwikkeld werd. Het gesofisticeerde materiaal kan in een paar minuten met submillimeter nauwkeurigheid realistische, driedimensionale, digitale foto's van de eigenschappen van de zeebedding en onderwaterstructuren maken.

Dr. Henderson: "De mogelijkheid om verzonken structuren - van scheepswrakken tot verzonken steden - snel, accuraat en nog belangrijker op een rendabele manier vast te leggen, is een grote hindernis voor de toekomstige ontwikkeling van de onderwaterarcheologie. Ik geloof dat we nu een techniek hebben die effectief het probleem oplost."

Dr. Nicholas Flemming, die de verzonken stad in 1967 ontdekte, zal het team van Dr. Henderson aanvullen. Flemming stond in 1968 aan het hoofd van een team van de universiteit van Cambridge die de verzonken stad een eerste maal onderzocht. Het archeologische materiaal - aardewerk, beeldjes, obsidiaan en kleinere vondsten - dat ze verzamelden behoren tot de Minoïsche en Myceense periode (circa 3200 tot 1100 voor Christus).

Dr. Chrysanthi Gallou van de universiteit van Nottingham onderzoekt momenteel systematisch de vondsten van Flemming uit 1968. Het project wordt gefinancierd door het Institute of Aegean Prehistory (INSTAP), de universiteit van Nottingham en de British School of Archaeology in Athene. Toch ontbreekt het project nog zo'n dikke 11.000 euro om het archeologische onderzoek te kunnen afronden. Van 2010 tot 2012 staan er nog drie opeenvolgde seizoenen van archeologische onderwateropgravingen op de planning en na een algemeen studieseizoen in 2013 zal Dr. Henderson de resultaten van zijn onderzoek in 2014 publiceren.

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden