De vroegste spreekbeurt die ik me kan herinneren was toen ik zo'n jaar of 10 was. Bij meester Fernand, zo noemde de lieve leraar met baard en hippie-gelijkenissen.
Weken vantevoren was het aangekondigd, maar voorbereiden, ho maar. Some things never change... Resultaat was dat ik improviserend voor de klas stond, zo gespannen als een veer, om te vertellen over de grijsrode papegaai van mijn overgrootvader. Ik verzon het onderwerp terplekke want de seconden ervoor had ik nog geen flauw idee wat te brengen. Ik bracht gewoon een weergave van wat het beestje doet, in wiens vingers hij zoal heeft geknauwd, hoe hij bij onrust de eigen veren uittrekt, wat hij eet, drinkt en poept.
Ik was 10, de lat lag relatief laag. Ik kreeg er een 9 op 10 voor, het voelde als overwinning. Papegaaien, daar gaat het nu dus over.De Afrikaanse grijze roodstaartpapegaai

De papegaai van mijn overgrootvader heette Jako, een heel typische naam voor de Afrikaanse roodstaartpapegaai. Helaas gaat het niet zo goed met de Jako-populatie. Hoewel het beestje van mijn overgrootvader nog steeds leeft, in tegenstelling tot de eigenaar, zijn de roodstaartpapegaaien op sterven na dood. Met dat bericht kwam de Duitse Natuurbescherming.

Nu geldt nog een importverbod omwille van de vogelgriep maar men wil de handel in de grijze roodstaarten langer verbieden om zo verdere uitdunning tegen te gaan. Tussen 1994 en 2003 zouden er zo'n 360.000 soortgelijke papegaaien, beschouwd als wilde vogels, verhandeld. Dat zijn er, zo blijkt nu, teveel. De papegaaien raken op. Jammer, want ze kunnen zo leuk napraten, vragen om het kopje te krabben en meer van zulks.

Update: Filmpje gevonden van de Afrikaanse roodstaart:

Gerelateerd aan deze publicatie:
Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden