Over hoe een zesjarig meisje wetenschappers tot wanhoop drijft. Het verhaal begint heel simpel: de zesjarige Keely Reid gooit een plastic fles met een briefje in het Schotse Moray Firth. Ze hoopte dat haar flessenpost wel zo ver als Scandinavië zou komen. Echter het liep anders af.


De fles werd 47 dagen later gevonden op het strand van Whangamata, een noordelijk eilandje van Nieuw Zeeland. Het toeval wilde dat een andere zesjarige, James Wilson, de fles vond die terstond aan Keely terug schreef haar fles te hebben ontvangen. Op zich lijkt dat niet zo bijzonder maar....

Om van Schotland naar de andere kant van de wereld te drijven in 47 dagen betekent dat de fles een constante snelheid van 28,9 kilometer per uur moet hebben gehad. Volgens wetenschappers is dat onmogelijk. De fles zou nooit met die rotgang over de oceanen hebben kunnen drijven, al was het maar dat er niet zoiets is als een constante stroming van Schotland naar Nieuw Zeeland.

Men zou verwachten dat een fles vanuit Schotland, in het gunstigste geval, de Atlantische oceaan zou bereiken om daar in de golfstroom vast te komen en dus eeuwig rond te drijven tussen Amerika en Europa.

Dr. Bill Turrell zei desgevraagd in de media dat het onmogelijk is dat de fles louter door stroming de afstand heeft kunnen afleggen. Zijn conclusie is dat iemand de fles heeft meegenomen.

Keely zelf is niet zo onder de indruk, samen met haar ouders wierp ze drie jaar eerder ook al een fles in zee. Het duurde toen twee jaar voordat die werd gevonden door een zwemmer voor de kust van Nederland.

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden