Wat zou er gebeuren als plotseling alle mensen letterlijk van de aardbodem zouden verdwijnen? Zou de natuur zich nog kunnen herstellen? Hoe lang zouden onze steden nog zichtbaar blijven? Of zouden lekkende kerncentrales de wereld in één grote woestijn doen veranderen? In een uitgave van de New Scientist Magazine van 12 oktober 2006 werden deze vragen aan deskundigen voorgelegd.

Stilte...

Het eerste dat zou opvallen als de mensheid van het ene moment op het andere verdwijnt is dat het afgelopen zou zijn met de lichtvervuiling. Nu is het nog zo dat naar schatting 85 % van de nachtelijke hemel boven Europa wordt aangetast door kunstlicht. Amerika kent een lichtvervuiling van 62 % en in Japan is de dag amper van de nacht te onderscheiden met een lichtvervuiling van 98,5 %. In totaal is 18,7 % van de aarde momenteel 's nachts verlicht.

Enfin, binnen 24 tot 48 uur zullen de elektriciteitscentrales één voor één uitvallen door gebrek aan brandstof, onderhoud en bediening. Na zo een dag of drie zal de aarde s'nacht weer donker zijn. De windmolens en andere alternatieve stroombronnen zullen nog wel even hier en daar voor wat licht zorgen. Maar door gebrek aan onderhoud aan het elektriciteitsnet zullen ook deze apparaten het na een paar maanden begeven. En zonder de elektriciteit vallen ook pompinstallaties stil waardoor de waterhuishouding vrij spel krijgt.

Gebrek aan onderhoud zal de aftakeling van onze huizen, wegen en kunstwerken flink versnellen. In onze moderne samenleving bouwen we niet voor de eeuwigheid. Huizen moeten minstens 60 jaar meegaan, bruggen 120 jaar en een dam mag na 250 jaar afgeschreven worden. Men gaat bij deze berekeningen er wel van uit dat het spul goed onderhouden wordt.

Pripyat - Chernobyl
(Sfeerbeeld van Pripyat, Chernobyl. Klik hier voor meer)

Om te weten hoe snel een redelijk moderne stad in verval raakt kan men als voorbeeld het Russische Pripyat nemen. Pripyat werd na de ramp in Chernobyl geheel verlaten. Tot op de dag van vandaag hebben de elementen er vrij spel. Van een afstand lijkt de stad nog intakt maar van dichtbij is het verval duidelijk zichtbaar. Bioloog Ronald Chesser bekeek de stad van dichtbij en zag hoe plantenwortels het beton scheuren, deuren uit de voegen drukt en bakstenen wegdrukt. "het is heel ontnuchterend te zien hoe het plantenleven tot iedere kiertje en gaatje in de stad doordringt," aldus de bioloog.

Binnen 10 tot 20 jaar zullen de eerste huizen instorten, een proces dat in Pripyat al in volle gang is. Moderne bouwstijlen waarbij veel gebruik wordt gemaakt van glas en lichte materialen zijn niet echt stevig en zullen het eerst bezwijken. De oude bouwstijlen waarbij men veel met versterkende bogen en lateien werkten gaan aanzienlijk langer mee. Maar uiteindelijk zullen ook zij bezwijken. Beton en bakstenengebouwen kunnen duizenden jaren zichtbaar blijven zoals de overblijfselen van oude beschavingen. Maar toch, ook betonnen bouwwerken zullen uiteindelijk verkruimelen.

Het staken van onderhoud aan de 430 werkende kerncentrales die mondiaal te vinden zijn zal ook een effect hebben. Het nucleair afval behoeft niet zoveel zorg. Momenteel verpakt men die al in speciale behuizingen die duizenden jaren onderhoudsvrij zijn en stopt men ze diep onder de grond weg. Tegen de tijd dat de vaten gaan lekken verwacht men dat de uiteindelijke radioactiviteit duizendvoudig is teruggelopen.
De kerncentrales zelf is een ander verhaal. Het koelwater zal niet meer stromen of weglekken en de kern zal smelten of verbranden, een behoorlijke dosis radioactiviteit uitstotend.

Sfeerbeeld uit Chernobyl
(Sfeerbeeld uit Chernobyl)

Maar volgens geoloog Rodney Ewing moet men die uitstoot niet overschatten. Volgens hem zouden de effecten op de aarde minder dramatisch zijn als men denkt. Wederom kijkt men als voorbeeld naar Chernobyl. Al een paar jaar na de kernramp zag men een bloeiende ratten- en muizenpopulatie. Groepen verwilderde honden maakten het gebied, ondanks intensieve jacht, onveilig. Verbazingwekkend snel herstelde de natuur zich in het door de mensen verlaten rampgebied. Wilde zwijnen populaties namen met 10 tot 15 procent toe. Maar ook de grotere roofdieren wisten het gebied snel te vinden. Bioloog Chesser zei dat hij buiten het rampgebied nog nooit een wolf had gezien terwijl hij in het rampgebied juist heel veel wolven zag.

Bossen en wouden zullen volgens een model van David Wilcove binnen 20 tot 200 jaar herstellen tot een stabiele situatie. In het bijzonder de monocultuur bossen zullen een langere tijd nodig hebben om tot een evenwichtige samenstelling te komen.

Gedomesticeerde dieren en gekweekte plantensoorten zullen hier en daar een vast onderdeel van het ecosysteem worden, net zoals wilde paarden en in sommige gebieden varkens en geiten dat zijn. Intensief gedomesticeerde soorten zoals honden, katten en vee zullen waarschijnlijk zichzelf terug fokken tot taaiere varianten. Naar verwachting zal zelfs hier en daar melkvee weten te overleven. De meeste bedreigde diersoorten zullen bedreigd blijven of zelfs uitsterven. Ironisch genoeg zijn veel van deze soorten afhankelijk van de bescherming van de mens geworden. Toch zullen er uiteindelijk veel meer soorten profijt hebben van een mensloze aarde dan dat ze er schade van ondervinden, aldus Wilcove.

oceaan

Oceanen zullen er uiteindelijk ook beter van worden al zal in eerste instantie een hernieuwde balans gevonden moeten worden. Allerlei vergiften en zware metalen zullen naar de bodem zinken en opgenomen worden in het geheel. Sommige van deze stoffen kunnen nog tientallen jaren giftig blijven maar uiteindelijk zal het worden afgebroken. De sporen van de mensheid blijven het langst zichtbaar blijven in het grondwater, aldus hydroloog Kenneth Potter, "het grondwater is het lange termijn geheugen van het systeem".

Met het verdwijnen van de mensheid verdwijnen ook de uitlaten en schoorstenen. het meeste C02 zal door de oceanen worden geabsorbeerd. Dit zal tientallen jaren in beslag nemen voordat het oppervlakte water het overtollige C02 heeft opgenomen. Het zal nog wel enkele duizenden jaren duren voordat ook de diepzee het C02 geabsorbeerd heeft. Volgens Susan Solomon (atmosferisch chemicus) zal het ongeveer 20.000 jaar duren voordat het C02-niveau van voor de opkomst van de mensheid is bereikt. Andere vormen van vervuiling zoals dioxine, chloorfluorkoolstofverbindingen en DDT zijn hardnekkig en het zal tientallen jaren in beslag nemen voordat het afbreekt.

Al met al menen zijn de bollebozen het met elkaar eens dat het slechts enkele tienduizenden jaren zal duren voordat ieder spoortje van onze beschaving voorgoed is verdwenen.

Als er over 100.000 jaar aliens zouden landen op aarde dan zullen ze in eerste instantie geen enkel bewijs voor onze huidige aanwezigheid vinden. Maar als ze goed zouden zoeken dan komen ze toch wel wat vreemde zaken tegen. Voornamelijk in de vorm van sieraden (vooral met geslepen edelstenen) of vreemde concentraties van fossiele skeletten (kennelijk ooit eens opzettelijk bij elkaar in de grond gestopt) waarvan sommige zelfs gouden tanden hebben. Maar ook delen van glas en plastic zouden ze mogelijk nog vinden. Als ze bodemonderzoek in de oceanen zouden doen dan zullen ze sporen vinden van een kortstondig tijdperk waarbij opvallend veel kwik werd afgezet. En in de atmosfeer zouden ze nog sporen vinden van CFK's die duizenden jaren mee kunnen gaan.

Piramides

Het zou voor de aliens allemaal net zo raadselachtig zijn als de piramiden en zuid Amerikaanse tempelcomplexen nu voor ons zijn. Voor de aarde maakt dat allemaal niets uit, ze is ons relatief gezien heel gauw vergeten.

Gerelateerd aan deze publicatie:
Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden