De Da-Vinci Code van Dan Brown heeft recentelijk bij miljoenen mensen over de gehele wereld veel los gemaakt. Duidelijk werd dat de bloedlijn van Christus nog steeds een zeer gevoelig onderwerp is. De auteur heeft zich om die redendan ook wijselijk ingedekt door zijn boek uit te geven onderde noemer “fictie”.

Brown zelf,

"De Da Vinci Code is een roman en dus fictief". Hoewel de hoofdpersonen en de acties in het boek vanzelfsprekend niet werkelijk bestaan, bestaan alle kunstwerken, gebouwen, documenten en rituelen die in het boek genoemd worden wel degelijk. Deze werkelijk bestaande zaken worden door fictieve karakters besproken en geïnterpreteerd. Hoewel ik persoonlijk geloof dat een aantal van de theorieën die door de hoofdpersonen worden uitgesproken waar zouden kunnen zijn, moet iedere individuele lezer voor zichzelf uitmaken wat zijn mening over die theorieën is…….

De auteur houdt hiermee dus letterlijk de kerk in het midden en ziet zonder direct gevaar voor eigen leven zijn bankrekening alsmaar hoger en hoger stijgen. De lezer maakt dus zelf maar uit wat hij er van vindt en dit blijkt dan over het algemeen weer gerelateerd aan precies dezelfde geloof, hoop en liefde-pil die ons steeds door het Vaticaan en de ether wordt voorgehouden.

De film eindigt dan met een ontroerende “wijze” scène die zegt dat het eigenlijk niet uitmaakt of het verhaal nu wel of niet klopt want alles draait immers om wat wij er zelf van willen geloven. Hoe triest zou het immers zijn toe te moeten geven dat Christus een overmoedig sterrenkind was die zich met zijn verworven (oosterse) wijsheden door de destijds gevestigde orde aan het kruis heeft laten nagelen. Het draait in onze beleving dus kennelijk ook niet om de waarheid maar hoe wij zelf met het fenomeen “waarheid” omgaan.

Sinds enige tijd houd ik me bezig met de inhouden van het Javaanse monument de "Borobudur" die straks op grenswetenschap ook aandachtig besproken zal gaan worden, en daar vond ik in de afdeling “psychologie” en “religie” een zeer toepasselijk tafereeltje over dit onderwerp.

Een bedrieglijke geloofsverkondiger heeft zichzelf op een voetstuk (stenen verhoging) gemanoeuvreerd en kraamt gelijk een papegaai(midden) wat zogenaamde wijze “geloof, hoop en liefde spreuken”(mooie volle boom) richting het argeloze simpele arbeidersgezin.
De man des huizes is hier kennelijk diep van onder de indruk en zijn papegaai maakt zich dan ook al op om naar de overkant te vliegen. De arme druiloor is echter nog niet helemaal zeker van zijn zaak en “gelooft” dat hij nog niet zo ver is om deze grote stap te nemen. Hij besluit daarom eerst wat hulpmiddelen in te zetten waarmee hij de zogenaamde geloofsverkondiger dan voor zich denkt te winnen. Hij dost vervolgens zijn mooie dochter uit als een prachtige godin en dwingt haar (de roe in zijn hand) met een overvolle vruchtenmand richting de bedrieger.

Uiteraard neemt deze het fruit en niet te vergeten de begeerlijke dochter dan dankbaar in ontvangst en concludeert dat zijn geloof, hoop en liefde trucje hem bepaald geen windeieren leggen. Direct voor hem en in zijn handen liggen dan ook nog wat munten en zo draagt hij tevens ook de grootste halsketting van het gezelschap. Zijn spirituele levensboom die hier letterlijk geen bodem raakt blijkt ook slechts nog maar een schamel boompje en staat niet in verhouding met de mooie boom (woorden) die hij het arbeidersgezin voorhoudt !

Zijn hoofddeksel wat dan zijn brein symboliseert laat de linker en rechterhersenhelft zien die in het midden wordt afgescheiden door de z.g. verkalkte brug. Dit symboliseert dan onze innerlijke dualiteit ofwel ons gevecht met het goed en het kwaad en zoals we kunnen zien heeft hij kennelijk over dit onderwerp al zoveel trucjes geleerd dat zijn hersenen haast als ballonnen lijken te zijn opgeblazen. Hij ervaart dit kennelijk dan ook als een “mindblowing experience”. Rechtsonder en uit het gezichtsveld van het arbeidersgezin is dan een klein kistje (kluisje) afgebeeld waarin de wijsgeer dan zijn verzamelde munten en kostbaarheden bewaard.

Nu wordt het echter een beetje “trikkie” want de wijsneus had zichzelf dus op een stenen voetstuk geplaatst wat tevens ook zijn intellectuele bodem vertegenwoordigt en dit wordt hier dan “laag” en “breed” weergegeven. De fruitschaal van het simpele arbeidersgezin staat echter ook op een stenen voetstuk en dat is hier dan aanzienlijk “smaller” afgebeeld, doch reikt echter net ietshoger als het voetstuk van de bedrieglijke geloofsverkondiger !

Het Vaticaan bezit zoveel kapitaal dat de aarde 300 jaar lang van honger verlost zou kunnen zijn! Tweederde van de wereldbevolking lijdt echter nog steeds honger en in hun smeekbeden klinkt voortdurend ….

“geef ons alsjeblieft ons dagelijks brood”,

...waarop het nederige en vrome Vaticaan dan antwoordt: A(ch)men(sch).

 

Sitemap - © 2016Grenswetenschap.nl - Reageervoorwaarden